Pagina's

woensdag 13 mei 2026

Kuifje en de surrealisten

In de prestigieuze VRT-reeks This is not a murder mystery ontvangt een zekere Lord James in zijn kasteel allerlei surrealistische kunstenaars voor een belangrijke tentoonstelling. In deze serie die, zoals de makers zelf zeggen, feit en fictie vrolijk vermengt, zijn René Magritte, Salvador Dalí, Man Ray, Lee Miller, Max Ernst en Gala Dalí getuige van een serie moorden. Dat feit en fictie actief door elkaar gegooid wordt blijkt meteen, want hoewel er echt een Lord Edward James heeft bestaan wiens leven innig vervlochten was met dat van de surrealisten, was hij in werkelijkheid een man en niet de eigengereide vrouw van de serie, gespeeld door actrice Aoibhinn McGinnity. ‘We hadden nood aan sterke vrouwenrollen,’ verklaarde regisseur Hans Herbots. Deze Lord James - want zo wordt ze ook aangesproken - is beslist geen katje om zonder handschoenen aan te pakken en ze heeft zelf ook haar geheimen, zoals in de loop van de serie zal blijken.
De echte Lord Edward James (1907-1984) was een haast karikaturale Engelse excentriek. Hij kwam uit een schatrijke familie: zijn vader was een Amerikaanse treinmagnaat, zijn moeder was van Schotse adel. Hij verkeerde in de hoogste kringen. De Engelse koning was zijn peetoom, terwijl er zelf geruchten gingen dat hij eigenlijk zijn vader was.
Edward James was kortstondig getrouwd met ballerina Tilly Losch. Hij bestelde balletvoorstellingen bij Kurt Weill, Bertolt Brecht of George Balanchine. Het huwelijk liep op de klippen - James was biseksueel - en dat was wekenlang voer voor de rioolpers. Hij was dichter en stichtte een eigen uitgeverij. Later stortte hij zich op de beeldende kunsten en begon te verzamelen. Hij ondersteunde kunstenaars als René Magritte, Salvador Dalí, Leonora Carrington en vele anderen. Hij was ook de drijvende kracht achter de International Surrealist Exhibition in 1936. In This is not a murder mystery vindt deze tentoonstelling plaats in zijn eigen kasteel, in werkelijkheid was dat in de New Burlington Galleries in Londen.

Hoofdinspecteur John Thistlethwaite die in de serie de moorden onderzoekt wordt briljant vertolkt door Stephen Tompkinson, die we al kenden als DCI Banks in de gelijknamige serie. De ietwat hobbelige zwarte actrice Donna Banya is een beetje eigenaardig in haar rol van DC Mary Quant. Als die naam bedoeld is als grap, dan ontgaat me die. Ik begrijp wel dat men in een serie als deze sedert de eeuwwisseling een paar sterke donkere acteurs wil hebben, maar in de Britse hermandad van 1936 zijn vrouwelijke detectives van Afrikaanse of Caraïbische afkomst werkelijk heel dun gezaaid. Sislin Fay Allen (1938-2021) was de allereerste. 

Man Ray, Adrienne Fidelin, 1937
Als men dan toch voor krachtige donkere personages zou moeten kiezen, zou te midden der surrealistische kunstenaars de persoon van Ady Fidelin (1915-2004), muze en minnares van Man Ray veel meer voor de hand hebben gelegen. Deze danseres afkomstig van het tropische eiland Guadeloupe wordt op heden vaak over het hoofd gezien, maar ze toefde in het centrum van de beweging, als je het surrealisme zo mag noemen. Haar bestaan is honderden malen vastgelegd in kunstwerken en geschriften van Man Ray en hun tijdgenoten. Ze was bevriend met de Amerikaanse fotografe Lee Miller, die in de serie een relatie heeft met diezelfde Man Ray, maar in werkelijkheid getrouwd was met Aziz Eloui Bey en een jaar later een hartstochtelijke relatie zou beginnen met de Britse surrealist Roland Penrose, die in de serie helemaal ontbreekt, hoewel hij wel bij de tentoonstelling betrokken was.

Deze serie is vervaardigd zonder ook maar één seconde naakt in beeld of zelfs maar gesuggereerd en eerlijk gezegd is dat diep ongeloofwaardig. Het is uiteraard niet zo dat ik ga zitten kijken in de hoop op een tiet of een terloopse toef schaamhaar, maar met mensen als Lee Miller, Man Ray en Gala Dalí is het volstrekt ondenkbaar dat er niet vrijuit naaktgelopen werd op de uitgestrekte landerijen van een domein. Men zie bijvoorbeeld de foto’s die Roland Penrose en Lee Miller in 1937 maakten gedurende een picknick in Picasso’s tuin in Zuid-Frankrijk. De tijden zijn veranderd en alles is op krampachtige wijze kuiser tegenwoordig, voorzichtiger en slapper, maar verzin dan een andere, misschien fictieve groep kunstenaars zou ik zeggen, en gebruik niet juist deze anarchistische, vrijgevochten larger than life personages.

Doordat de personages historische personen zijn en er toch een modicum van historische oprechtheid in de serie over moest blijven, waren op voorhand Dalí, Ray, Ernst, Magritte, Miller en Gala onaantastbaar, in de dubbele zin van het woord: ze konden redelijkerwijs noch dader, noch moordslachtoffer zijn. Dus kwam het niet als een verrassing dat het enige kunstenaarspersonage in de reeks dat volledig fictief is, een zekere Nash Lesley, wel al snel vermoord werd. Er is overigens voor zijn karakter wel degelijk inspiratie geput uit de karakters van bestaande personen, namelijk twee vrouwen: Nusch Eluard en de reeds genoemde Ady Fidelin. De makers van de serie lijkt ietwat geobsedeerd te zijn geweest door genderwisselingen.
De enige echt historische persoon die in de serie (op onhistorische wijze) het leven laat is Sheila Legge die in werkelijkheid pas in 1949 overleed aan een longontsteking. Kennelijk was zij marginaal genoeg om fictief dood te mogen gaan.

Was de serie fijn om te bekijken? Jazeker, stellig een aanrader. Zowel Man Ray als Salvador Dalí worden extreem karikaturaal geportretteerd, maar wel op een wijze die vermakelijk is en na een poosje ook wel overtuigt. René Magritte en Max Ernst zijn wat meer neutrale karakters, waarbij de Belg Magritte in de Belgische productie bepaald iets Kuifje-achtigs heeft gekregen. De fotografie was mooi, de opnamelocaties (grotendeels in België) waren piekfijn in orde en er was een zekere mate van cinematografisch raffinement te bespeuren dat Belgisch TV-series blijkbaar wel vaker hebben, een specifiek soort vreemdheid, men kijke bijvoorbeeld ook naar Professor T. Zelfs de Britse adaptie ervan heeft datzelfde speelse poëtische, licht surrealistische.
Ten slotte: de titel klopt, het was geen moordmysterie, maar de verfilming ervan. Geheel in de geest dus van René Magritte, surrealist.

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten